Douane en strafrecht: "Ik heb niets te verbergen"

Juli 2020

Jaarlijks worden vele miljoenen douaneaangiften gedaan. Helaas gaat het niet bij elke douaneaangifte goed. Daardoor komt het voor dat de Douane achteraf vaststelt dat nog een bedrag moet worden nagevorderd. Naast het navorderen van de gemiste douanerechten, kan de Douane dan ook strafrechtelijk of bestuursrechtelijk de overtreding handhaven. Dat kan met een bestuurlijke boete, een fiscale strafbeschikking of door de FIOD en het Openbaar Ministerie in te schakelen.

Steeds vaker zien we dat de Douane grijpt naar de mogelijkheid van de fiscale strafbeschikking (FSB). Op zich geen reden voor paniek, als u maar weet wat u moet doen. Toch wordt vaak de put pas gedempt, als het kalf al is verdronken. Ofwel, dat te laat maatregelen worden genomen en advies wordt ingewonnen. Dit terwijl u uzelf een hoop onheil kunt besparen als u weet wat u moet doen en wat uw rechten en plichten zijn.

Strafrecht en douane. Waar komt het samen?
De vraag waar strafrecht en douanerecht samenkomen, is het beste te beantwoorden aan de hand van twee voorbeelden.

Voorbeeld 1. Elke douanedeclarant maakt het wel eens mee. Hij of zij doet een aangifte ten invoer en de goederencode blijkt (achteraf) onjuist. Die goederencode is afkomstig van de opdrachtgever en het was moeilijk om de juistheid ervan te controleren of met zekerheid vast te stellen. De aangifte wordt dan ook gecorrigeerd en een uitnodiging tot betaling (de aanslag voor douanerechten) voor het meerverschuldigde bedrag volgt.

Een aantal weken (of maanden) later ontvangt de declarant echter ook een ‘verhoorset’. Dat is een brief met standaardvragen aan de hand waarvan de Douane een proces-verbaal opmaakt. Hierin wordt hij aangemerkt als verdachte van het doen van een onjuiste aangifte, er wordt vermeld dat hij niet tot antwoorden verplicht is (dit wordt de ‘cautie’ genoemd) maar er wordt wel gevraagd om een verklaring af te leggen. Uiteindelijk wordt aan de hand van die verklaring een proces-verbaal opgemaakt die de basis vormt voor een fiscale strafbeschikking (“FSB”), in dit geval tegen 10% van het “ontdoken” bedrag aan belastingen.

Voorbeeld 2. In dit geval voert de Douane een controle na invoer uit en komt tot de conclusie dat op grote schaal onterecht gebruik is gemaakt van preferentiële oorsprong. Dat betekent dat een lager douanerecht is toegepast (bijvoorbeeld 0% in plaats van 14%) omdat de goederen – bijvoorbeeld – uit Maleisië komen, terwijl achteraf blijkt dat de goederen uit China komen. De Douane draagt de zaak over aan de FIOD en die komt u nu verhoren. De FIOD-ambtenaar geeft de cautie, de medewerker doet uitvoerig zijn verhaal en er wordt een proces-verbaal opgemaakt. Maanden later valt een dagvaarding van het Openbaar Ministerie op de mat om te verschijnen voor de Rechtbank voor het plegen van een strafbaar feit. Dit zijn twee “real-life” gebeurtenissen die beide zijn begonnen met een fout(je) in de aangifte. Precies dit is namelijk strafbaar gesteld in de Algemene Douanewet. Aangevers, importeurs, exporteurs en andere partijen zijn vaak niet of onvoldoende bekend met de implicaties van zo’n ogenschijnlijk klein foutje.

De fiscale strafbeschikking (FSB) toegelicht
De fiscale strafbeschikking kennen we in beginsel voor twee varianten: voor een overtreding en voor een misdrijf. Het onderscheid hiertussen is dat bij een misdrijf een gevangenisstraf mogelijk is, hetgeen bij overtreding niet het geval is. Bij een misdrijf moet veelal ook sprake zijn van opzet. Als er geen sprake is van opzet, dan volgt meestal een FSB voor de overtredingsvariant. In het eerste voorbeeld kan dan wellicht worden volstaan met een FSB voor EUR 250.

Wellicht het belangrijkste onderscheid is dat een FSB in de overtredingsvariant geen justitiële documentatie (ouderwets: een strafblad) oplevert en een FSB voor de misdrijfvariant wel. Van dit laatste heeft u vanzelfsprekend veel meer en langer “last”.

In 2011 is de FSB in het leven geroepen. Tot die tijd kenden we binnen het douanestrafrecht nog het transactievoorstel als voorportaal van de strafrechtelijke afhandeling. Dit was vergelijkbaar met het systeem voor een boete voor een verkeersovertreding. Het accepteren van zo’n transactievoorstel leverde geen “strafblad” op. Met de introductie van de FSB is deze optie komen te vervallen en is het strafrecht in feite naar voren in de keten gehaald. De taken die eerst bij het Openbaar Ministerie lagen, zijn namelijk bij de handhaver (de Douane) neergelegd. Zonder tussenkomst van een rechter kan de Douane overgaan tot het opleggen van een strafrechtelijke sanctie. Een FSB is een daad van strafvervolging. Als u vervolgens niets tegen deze strafbeschikking doet, dan staat uw schuld, de strafbaarheid en de hoogte van de straf vast.

Tegen de FSB staat verzet open. Gaat u in verzet dan bepaalt de Officier van Justitie vervolgens of hij tot vervolging wenst over te gaan. Dat kan betekenen dat u alsnog vrijuit gaat, maar ook dat een rechter uiteindelijk overgaat tot het opleggen van een (zwaardere) straf. Bovendien leidt een rechterlijke veroordeling altijd tot justitiële documentatie, ook in de overtredingsvariant.

Geen FSB, maar erger….
De FSB is niet de enige optie voor de Douane om te handhaven. Het is ook mogelijk dat de Douane overgaat tot strafrechtelijke vervolging. Dat kan bijvoorbeeld als u wordt verdacht van het plegen van een strafbaar feit en de Boete Fraude Coördinator / Contactambtenaar van de Douane heeft in overleg met de FIOD en het Openbaar Ministerie bepaald dat er moet worden vervolgd. U wordt uitgenodigd voor een (aanvullend) verhoor of er is zelfs sprake van een inval van de FIOD. De administratie wordt in beslag genomen en u wordt voor verhoor meegenomen naar het politiebureau. Het is belangrijk om op dat moment het hoofd koel te houden en te weten wat uw rechten en uw plichten zijn. Een aspect lichten we hierna toe: zwijgen of verklaren?

Vooropgesteld, als er sprake is van regulier toezicht door ambtenaren dan heeft u een medewerkingsplicht. Dat toezicht kan bestaan uit een controle van uw administratie, het uitvoeren van inspecties van goederen of het opvragen van aanvullende gegevens (zoals facturen of betalingsbewijzen). Als de aanpak van de Douane echter “van kleur verschiet” en overgaat op “opsporing”, dan heeft u het recht om te zwijgen. U weet dat het “van kleur verschiet” op het moment dat uw bedrijf de zogenoemde cautie krijgt en dus duidelijk is dat u van een overtreding wordt verdacht.

Als verdachte heeft u het recht om te zwijgen. Waarschijnlijk denkt u al snel – al dan niet terecht – “ik heb niets te verbergen”. U geeft dus een uitgebreide verklaring; u licht bijvoorbeeld toe dat u deze handelwijze altijd al volgde, dat u het ook wel vreemd vond, maar dat uw opdrachtgever heeft verzekerd dat het wel kan. Ook heeft u met uw leidinggevende uitgebreid hierover gesproken. Ook licht u toe dat als u de betreffende handelwijze niet zou volgen de klant weg zou gaan, alsmede dat u weet dat ook twee andere concullega’s van u zo werken. Wij zien dat in de praktijk (te) snel wordt gekozen voor de “ik heb niets te verbergen” optie. Want de afgelegde verklaring kan tot een andere conclusie leiden dan u voorziet en bedoelt, zeker als u de spelregels niet kent. Daarnaast geldt dat achteraf repareren meestal moeilijker is dan voorlopig je mond houden.

Daarom is het verstandig om goed na te denken en eventueel advies in te winnen voordat u verklaart. Denk dus na of u gebruik wil maken van het recht om te zwijgen en het consultatierecht, ofwel het recht om een advocaat te raadplegen. Dit is een recht voor u als verdachte waar u zich zeer bewust van moet zijn en waarvan u weloverwogen moet bepalen of u daar gebruik van wil maken.

Dat wil overigens helemaal niet zeggen dat u zich niet-meewerkend moet opstellen. Maar neem de tijd voor afweging en voorbereiding. Twijfelt u? Laat dan de autoriteiten weten dat “u uiteraard meewerkt aan het onderzoek”, maar dat “u graag eerst uw dossier volledig ontvangt en dat u daarna het dossier bestudeert en wil overleggen met uw raadsman” en dat u graag op een later tijdstip het verhoor inplant.

Conclusie en meer informatie
Het strafrecht is vaak onduidelijk en onbekend in douanezaken. Een strafrechtelijk verwijtbaar handelen is snel aan de orde. U doet er goed aan te weten wat u moet doen als het zo ver komt. Wat zijn uw rechten en verplichtingen? Welke strategie kiest u om uw rechten zo goed mogelijk veilig te stellen?

Wilt u meer weten over de implicaties van het strafrecht bij het doen van douaneaangiftes? Kijk dan op onze website waarin we specifieke informatie over boetes en strafrecht hebben opgenomen of neem contact op met Lidwina Hoekstra of Dianne Beurskens-Weijers.

Onze specialismes

Deel dit artikel

Gerelateerde artikelen

Heldere zaken

Wilt u op de hoogte blijven van belangrijke ontwikkelingen en updates, kunt u zich aanmelden voor onze nieuwsbrief!

©2020 Van Traa advocaten N.v. Alle rechten voorbehouden