Een aanvaring met een goede vriend

November 2022

Soms kan een goedbedoelde vriendendienst je duur komen te staan. Dat was het geval bij een aanvaring op de Nieuwe Maas tussen het motorschip/pleziervaartuig ‘Waddenzee’ en twee tegemoet varende binnenschepen.

Op de automatische piloot
De gezagvoerder van de Waddenzee op 9 november 2014 was een 75-jarige zeilenthousiast die een aantal keer eerder met een zusterschip was meegevaren. Hij bestuurde het schip op verzoek van de scheepseigenaar, die hij als goede vriend al jaren kende. Hij deed dit bij wijze van vriendendienst, zonder een tegenprestatie te ontvangen voor zijn stuurkunsten. De man in kwestie was echter nooit een professionele gezagvoerder, kapitein, schipper of stuurman geweest. Hij beschikte over een klein vaarbewijs I en II geldig voor schepen tot een lengte van 25 meter. De ‘Waddenzee’ had een lengte van 26,42 meter. Helemaal groen was de gezagvoerder dus niet, maar op zijn ervaring kon ook niet blind gevaren worden.

De ‘Waddenzee’, een oude tonnenlegger, moest van Amsterdam naar Rotterdam worden overgevaren. Toen het schip de Nieuwe Maas afvoer, kort voor de monding van de Hollandse IJssel, kwamen twee binnenschepen het schip tegemoet varen. De gezagvoerder bestuurde op dat moment het schip met de autopilot. Met die autopilot wilde hij de koers van het schip iets naar stuurboord verleggen om de tegenliggers meer ruimte te geven. In plaats daarvan verlegde hij de koers van het schip juist naar bakboord. Het schip kwam daardoor in de vaarrichting van de beide tegemoet varende schepen. Het lukte de gezagvoerder niet meer het schip naar stuurboord te sturen, waardoor het schip met beide tegenliggers in aanvaring kwam.

Door deze aanvaring ontstond er een schade van € 16.090,- aan de ‘Waddenzee’. De scheepseigenaar had voor het risico van beschadiging van het schip geen cascoverzekering afgesloten. Daarmee was de vraag wie van de twee vrienden voor de schade mocht opdraaien: de scheepseigenaar of de gezagvoerder?

Kantonrechter: gezagvoerder aansprakelijk
De scheepseigenaar sprak de gezagvoerder aan om de schade te vergoeden en werd bij de kantonrechter in het gelijk gesteld. Dat de gezagvoerder een stuurfout had gemaakt die tot de aanvaring had geleid, stond tussen partijen wel vast. De kantonrechter overwoog daarbij dat de gezagvoerder kon worden verweten dat hij het schip op de druk bevaren en niet rechtuit lopende Nieuwe Maas met de autopilot bestuurde.

De gezagvoerder ging in hoger beroep bij het Hof Den Haag, dat op 17 mei 2022 arrest wees.

Het hof ziet het anders
Het hof benaderde de zaak vanuit een andere invalshoek.[1] Het hof benadrukt namelijk in zijn arrest dat een vriendendienst een eenvoudige toezegging tot hulp en bijstand is in de particuliere sfeer. Partijen beogen dan dus niet om juridische verplichtingen jegens elkaar aan te gaan. Wanneer de geleverde vriendendienst niet aan de verwachtingen voldoet, past daarbij dat de opdrachtgever niet snel een actie kan instellen om zijn vriend daarvoor aansprakelijk te houden.

De scheepseigenaar mocht van de gezagvoerder verwachten dat hij de door hem aanvaarde taak van gezagvoerder van het schip op een verantwoordelijke wijze zou vervullen, aldus het hof. De scheepseigenaar mocht van de gezagvoerder echter niet dezelfde mate van inzicht in en vaardigheid met het gebruik van de besturingsmogelijkheden van het schip verwachten als van een professionele gezagvoerder. Uitgebreide ervaring met het besturingssysteem van het schip had de gezagvoerder immers niet, dat was de scheepseigenaar bekend. Hoewel de gezagvoerder dus fouten had gemaakt, trof hem niet een dermate ernstig verwijt dat hij, in het kader van een vriendendienst, aansprakelijk kon worden gehouden voor de ontstane schade.

Tot slot
Het hof eindigt zijn arrest met de vingerwijzing dat de scheepseigenaar de gezagvoerder had moeten waarschuwen dat er geen verzekering was afgesloten om het risico voor cascoschade te dekken. Daardoor was de gezagvoerder de mogelijkheid ontnomen om bij zijn afweging of hij een vriendendienst zou verlenen, het risico te betrekken dat hij kon worden aangesproken voor tijdens de reis aan het schip ontstane schade. Het hof merkt op dat het bij een vriendendienst in het algemeen zo is dat hulp wordt verleend voor risico van degene die van de vriendendienst gebruik maakt.

Deze zaak laat nog eens zien dat wanneer gebruik wordt gemaakt van een vriendendienst je er goed op moet letten dat je adequaat verzekerd bent voor door die vriend mogelijk veroorzaakte schade.

* * *

[1] Gerechtshof Den Haag 17 mei 2022, ECLI:NL:GHDHA:2022:733.

Deel dit artikel

Gerelateerde artikelen

Nieuwsbrief

Wilt u op de hoogte blijven van belangrijke ontwikkelingen en updates, dan kunt u zich aanmelden voor onze nieuwsbrief!

©2022 Van Traa advocaten N.v. Alle rechten voorbehouden